

Louis Schulman was een broer van moeder Margot. En werd dus onze oom, hij woonde in Amsterdam en kwam ons geregeld bezoeken. Wij als kinderen vonden hem een lieve en leuke oom. Hij maakte altijd grapjes.
Hij heeft tijdens de bezetting mee geholpen onderduikadressen te verschaffen voor moeder en de tantes. Wat een geweldige hulp voor hen was. Zelf was hij zeer goed bevriend met een niet joodse familie in de Sportstraat in Amsterdam Zuid. Hij kon zelf onderduiken in het atelier van Liesje, de dochter van de familie Koppers, in de Sportstraat. Dit was zijn laatste adres, vandaar uit is hij gearresteerd. (zie bld. 36 van het dagboek)
Een korte tijd heeft hij ook in barak 67 gezeten, toen onze familie er ook zat. Volgens de gegevens van In Memoriam, is oom Louis een maand later op transport gesteld. Later is mij verteld hoe de deportatie op 8 februari 1944 van mijn familie heeft plaatsgevonden. Vader heeft zich erg verzet om de trein in te gaan, en verkoos ter plekke doodgeschoten te worden. Moeder heeft dat kunnen voorkomen.
![]() |
||||||||||||||||||||
|